Renault Kangoo 2 phase 2
Openen van buitenaf
Ontgrendel het portier en trek daarna aan portierhandgreep 1. Raadpleeg voor het ontgrendelen van de portieren de paragraaf “Sleutel, FM-afstandsbediening: gebruik” in hoofdstuk 1.
Openen van binnenuit
Trek aan de portierhandgreep 2.
Sluiten van binnenuit
Trek aan de handgreep 3.
Opmerking: gebruik de handgreep 2 niet om het portier te sluiten.
Waarschuwingssignaal verlichting brandt nog
Er klinkt een geluidssignaal bij het openen van het bestuurdersportier om u te waarschuwen dat de lichten nog branden.
2 Dit controlelampje geeft aan dat een portier geopend of slecht gesloten is.
Veiligheid van de kinderen
Om aan de achterkant het openen van de zijdeur van binnenuit onmogelijk te maken, verplaatst u de hendel 4 met behulp van het uiteinde van de sleutel van de auto.
Controleer, van binnenuit, of de deur goed vergrendeld is.
Uit veiligheidsoverwegingen mag u de deur alleen openen en sluiten als de auto stilstaat.
Schuifdeur
Openen van buitenaf
Ontgrendel het portier en trek daarna aan de portierhandgreep 5 en laat de deur naar de achterkant van de auto glijden tot hij blokkeert. Raadpleeg voor het ontgrendelen van de portieren “FM-afstandsbediening: gebruik” in hoofdstuk 1.
Openen van binnenuit
Trek aan de portierhandgreep 7 en laat met behulp van de portierhandgreep 6 de deur naar de achterkant van de auto glijden tot ze blokkeert.
Sluiten van binnenuit
Trek de portierhandgreep 6 naar de voorkant van de auto tot de deur helemaal gesloten is.
Uit veiligheidsoverwegingen wordt de schuifdeur naast de tankdopklep geblokkeerd bij het openen van de klep. Raadpleeg voor meer informatie de paragraaf “Centraal vergrendelen, ontgrendelen van de portieren” in hoofdstuk 1.
Aanbevelingen bij het gebruik van de schuifdeur
Bij het openen en sluiten van de deur, moeten net als bij elk portier van de auto de volgende voorzorgsmaatregelen in acht worden genomen:
- Controleer of niemand, geen dier of voorwerp gevaar loopt wanneer u deze manoeuvre verricht.
- Gebruik voor het bewegen van de deur uitsluitend en alleen de handgrepen aan de binnenkant en aan de buitenkant van de auto.
- Beweeg de deur zowel bij het openen als bij het sluiten niet met geweld.
- Let op dat u, als de auto op een helling staat, de schuifdeur voorzichtig geheel openschuift tot hij blokkeert.
- Het is streng verboden met een geopende schuifdeur te rijden, controleer voor u wegrijdt of de deur goed is gesloten.
- Gebruik de onderste steun niet als treeplank.
Klapdeuren achter
Openen van buitenaf
Trek met ontgrendelde portieren aan de handgreep 8. Raadpleeg voor het ontgrendelen van de portieren “FM-afstandsbediening: gebruik” in hoofdstuk 1.
Maximale opening van de deuren
Trek voor elke deur aan de grendel 9 om de deurvanger vrij te maken. Open de deur zo ver mogelijk.
Met de hand sluiten van buitenaf
Sluit eerst de kleine deur en daarna de grote.
Sluit elk van de deuren tot ze bijna dicht zijn en sla ze daarna dicht.
Laat bij harde wind de klapdeuren achter niet open. Risico van verwonding.
Als u langs de kant van de weg parkeert en de achterklep geopend is, kunnen de achterlichten hierdoor aan het zicht onttrokken worden. U dient dan de andere weggebruikers te waarschuwen met een gevarendriehoek of op andere wijze, volgens de in het land geldende voorschriften.
Klapdeuren achter (vervolg)
Openen van binnenuit
Beweeg hendel 10 om het deurtje te openen.
Sluiten van binnenuit
Sluit eerst de kleine deur en daarna de grote.
Sluit elk van de deuren tot hij bijna dicht is en sla ze daarna dicht.
Verantwoordelijkheid van de bestuurder tijdens het parkeren of stoppen van de auto
Laat nooit, zelfs niet eventjes, een kind, een afhankelijke volwassene of een dier in de auto achter als u deze verlaat.
Het kan zichzelf of anderen in gevaar brengen door bijvoorbeeld de motor te starten, door organen te bedienen zoals bijvoorbeeld de ruitbediening, of de portieren te vergrendelen.
Bovendien kan bij warm en/of zonnig weer de temperatuur in het interieur heel erg snel oplopen.
LEVENSGEVAAR OF GEVAAR VAN ERNSTIG LETSEL.
Achterklep
Openen
Ontgrendel het portier, druk op de knop 11 en trek de klep omhoog. Raadpleeg voor het ontgrendelen van de portieren de paragraaf “Sleutel, FM-afstandsbediening: gebruik” in hoofdstuk 1.
Zorg voor uw eigen veiligheid ervoor, dat alle portieren van uw auto goed gesloten zijn voordat u wegrijdt.
Sluiten
Laat de achterklep zakken met de handgrepen 12 of de sluitband 13.
Als de achterklep op schouderhoogte is, klapt u hem rustig dicht.
Openen van binnenuit
Bij een elektrische storing, kunt u de achterklep met de hand van binnenuit openen.
Steek een potlood of iets dergelijks in de holte 14, verschuif het geheel zoals op de tekening aangegeven is en duw tegen de achterklep om hem te openen.