Storingen (1/6)

Onderstaande aanwijzingen helpen u eventuele storingen snel, maar voorlopig, te verhelpen. Laat de auto echter wel zo spoedig mogelijk door een merkdealer nakijken.

Gebruik van de RENAULT card

Hoofdstuk

SLEPEN: pechhulp (1/2)

Vóór het slepen moet u altijd de stuurkolom ontgrendelen: voet op het koppelingspedaal, schakel de eerste versnelling in (hendel in stand N of R voor een auto met automatische transmissie), steek de card RENAULT in de kaartlezer en druk daarna twee seconde op de startknop van de motor.

Zet de hendel terug in neutraal (stand N voor een auto met automatische transmissie)

Hoofdstuk

ACCU: pechhulp (1/2)

Om vonkvorming te voorkomen:

- Controleer of alle stroomverbruikers (binnenlichten, enz.) zijn uitgeschakeld voordat u de accuklemmen losmaakt of aansluit.

- Schakelt u de acculader uit voordat u deze op de accu aansluit of ervan losmaakt.

- Mag u geen metalen of andere geleidende voorwerpen, die kortsluiting tussen de accupolen kunnen veroorzaken, op de accu leggen.

Hoofdstuk

RENAULT-kaart: accu (1/2)

Bij een storing

Als de batterij te zwak is om goed te kunnen werken, kunt u toch de auto starten (steek de RENAULT-card in de kaartlezer) en vergrendelen/ontgrendelen (raadpleeg de paragraaf "Vergrendelen en ontgrendelen van de portieren" in hoofdstuk 1).

Hoofdstuk