Renault 4

Leesspots

Voorste leeslampen A

(afhankelijk van de auto)

Raak de lampen 1 of 2 aan om te activeren:

  • een constant brandende verlichting;
  • onmiddellijk uitgaan van de verlichting.

Opmerking:

Voorste leeslampen B

(afhankelijk van de auto)

Als u de permanente verlichting wilt inschakelen, drukt u op schakelaar 3 voor de bestuurderskant of op schakelaar 4 voor de passagierskant voor.

Opmerking: bij auto's uitgerust met een multimediascherm kunt u dit gebruiken om de leeslampjes die aangaan bij het openen van de deuren of de bagageruimte, in of uit te schakelen Menu voor het personaliseren van de instellingen van de auto.

Kaartleeslampjes achter

(afhankelijk van de auto)

Raak de leeslampen 5 of 6 aan voor:

  • een constant brandende verlichting;
  • onmiddellijk uitgaan van de verlichting.

Opmerking:

tip

Het ontgrendelen en het openen van de portieren zorgen voor het tijdelijk branden van de binnenlichten en de lichten.

Bagageverlichting

De lamp 7 gaat aan als de bagageruimte wordt geopend.