Renault Master 3 phase 1
Transport van goederen in de laadruimte
Afhankelijk van de auto, kunnen de goederen worden vastgemaakt aan de ringen 1 en 2, zodat zij niet kunnen kantelen. Het aantal ringen en hun plaats kan verschillen afhankelijk van de auto.
De ringen 2 dienen uitsluitend als ondersteuning tegen het kantelen van de lading. De lading moet eerst aan de bevestigingsringen 1 op de vloer van de auto vastgemaakt worden.
F max: 625 daN
De zwaarste voorwerpen plaatst u zo laag mogelijk op de laadvloer. Zet de lading indien mogelijk vast aan de bevestigingspunten (indien aanwezig) op de vloer van de laadruimte. De lading moet zo geplaatst zijn dat niets naar voren op de passagiers geslingerd kan worden in geval dat de bestuurder plotseling moet remmen. Maak de autogordels van de zitplaatsen achter vast, ook als deze niet bezet zijn.
Voorwielaandrijving enkele wielen:
C = 1110 mm.
Achterwielaandrijving enkele wielen
C = 1760 mm.
Achterwielaandrijving dubbele wielen
C = 1753 mm.
|
Slepen
Plaatsen van de trekkogel
Plaats de knop om de hoogte D aan te houden, die tussen 350 en 420 mm ligt, wanneer de auto belast is. Zet de bouten 3 vast met het aantrekkoppel van 196 N.m (Newton.meter).
Kogeldruk, maximaal toegelaten massa’s van geremde en ongeremde aanhangwagens: raadpleeg hoofdstuk 6, paragraaf “Massa’s”.
Keuze en monteren van een trekhaak
Maximale massa van de trekhaak: 26 kg.
Raadpleeg het montagevoorschrift van de uitrusting voor de montage en de voorwaarden voor het gebruik.
Het is raadzaam deze voorschriften bij uw instructieboekje te bewaren.
Indien de trekhaakkogel de nummerplaat of de mistlamp achteraan aan het zicht onttrekt, moet u hem afnemen wanneer u geen voertuig trekt.
Houd u in elk geval aan de landelijke wetgeving.