Aanvullende voorzieningen op de voorgordel

Afhankelijk van de auto, kunnen deze bestaan uit:

- gordelspanners van het oprolmechanisme van de autogordel;

- gordelspanners van de heupgordel voor de bestuurder;

- krachtbegrenzers voor de bescherming van de borstkas;

- airbags bestuurder en passagier voorin

Hoofdstuk

Autogordels

Gebruik tijdens het rijden altijd de autogordel. Het niet dragen van de gordel is gevaarlijk en strafbaar. Bovendien dient u zich te houden aan de wetgeving van het land waarin u zich bevindt

Zorg ervoor dat de achterbank goed is vergrendeld zodat de autogordels achter correct werken.

Zie “Achterbank: functies” in hoofdstuk 3.

Hoofdstuk

Vergrendelen, ontgrendelen van de portieren

Als de afstandsbediening of, afhankelijk van de auto, de kaart niet werkt

In bepaalde gevallen werken de FM-afstandsbediening of de kaart niet:

- batterij van de FM-afstandsbediening of kaart leeg, accu van de auto ontladen, enz.;

- gebruik van apparaten die op dezelfde frequentie als de card werken (mobiele telefoon, enz.);

- de auto bevindt zich in een sterk elektromagnetisch veld.

Hoofdstuk

Handsfree kaart: gebruik

Er zijn twee manieren voor het vergrendelen/ontgrendelen van de auto:

- de kaart in handsfree-modus;

- de kaart in afstandsbedieningsmodus.

Bewaar de kaart niet op een plaats waar andere elektronische apparaten (computer, telefoon, enz.) de werking ervan kunnen verstoren.

Hoofdstuk

Kaart: algemeen

1 Ontgrendelen van alle portieren.

2 Vergrendelen van alle portieren.

Hoofdstuk