Aanvullende veiligheidsvoorzieningen achterin

<?xml version="1.0" standalone="yes"?>

Ze bestaan uit:

  • Gordelspanners in het oprolmechanisme (gordels aan de zijkant);
  • Krachtbegrenzers voor bescherming van de borstkas.

Deze voorzieningen worden gelijktijdig of afzonderlijk, afhankelijk van de ernst van de aanrijding, geactiveerd bij een frontale botsing.

Afhankelijk van de ernst van de aanrijding, kan het systeem het volgende veroorzaken:

Hoofdstuk

AANVULLENDE VEILIGHEIDSVOORZIENINGEN VOORIN

<?xml version="1.0" standalone="yes"?>

Ze bestaan uit:

  • gordelspanners van het oprolmechanisme van de autogordel;
  • gordelspanners van de heupgordel;
  • krachtbegrenzers voor de bescherming van de borstkas;
  • airbags bestuurder en passagier voorin

Deze voorzieningen worden gelijktijdig of afzonderlijk, afhankelijk van de ernst van de aanrijding, geactiveerd bij een frontale botsing.

Hoofdstuk

Waarschuwingen

<?xml version="1.0" standalone="yes"?>

De volgende raadgevingen gelden voor de autogordels voor en achter.

Hoofdstuk

Autogordels achter

<?xml version="1.0" standalone="yes"?>

Gordels aan de zijkanten achter 8

11006_HCB_003_1_image.jpeg

Het vergrendelen, ontgrendelen en afstellen gebeuren op dezelfde manier als bij de voorste gordels.

Hoofdstuk

Autogordels

<?xml version="1.0" standalone="yes"?>

Gebruik tijdens het rijden altijd de autogordel. Het niet dragen van de gordel is gevaarlijk en strafbaar. Het niet dragen van de gordel is gevaarlijk en strafbaar.

Stel, voordat u start de juiste zithouding af, en daarna voor alle inzittenden de autogordel om de beste bescherming te krijgen.

Hoofdstuk

Achterbank: gebruiksmogelijkheden

<?xml version="1.0" standalone="yes"?>

Gebruiksmogelijkheden

13008_BCB_003_1_image.jpeg

Rugleuning neerklappen

Schuif de voorstoelen voldoende naar voren.

Zet de hoofdsteunen zo ver mogelijk omlaag voordat u een rugleuning neerklapt.

Hoofdstuk