Renault Master 4
Slepen: pech
Het stuurwiel mag niet vergrendeld zijn; de contactsleutel moet in de stand "M" (aan)
staan om de stuurkolom te ontgrendelen. Schakel de alarmknipperlichten in. In het
donker moet de auto verlicht zijn.
Koppel een eventuele aanhangwagen los.
Bovendien moeten in ieder land geldende wettelijke voorschriften voor het slepen in
acht worden genomen en mag het max. toegelaten aanhangergewicht van de slepende auto
niet worden overschreden.
Ga naar een erkende dealer.
WAARSCHUWING
Verwijder de contactsleutel niet tijdens het slepen.
WAARSCHUWING
Bij stilstaande motor werken de stuur- en rembekrachtiging niet meer.
Slepen van een voertuig met een automatische transmissie
Vervoer de auto op een plateau of sleep hem met beide voorwielen van de grond.
WAARSCHUWING
- Gebruik een starre sleepstang. Indien u een touw of kabel gebruikt bij het slepen (als dit wettelijk toegestaan is), moet de auto die gesleept wordt nog kunnen remmen.
- een auto die gesleept wordt, moet te allen tijde bestuurbaar zijn.
- Accelereer en rem gelijkmatig en zonder schokken om te voorkomen dat de auto beschadigt.
- In elk geval is een maximale snelheid van 25 km/u raadzaam.
Sleeppunt voor
Alleen aan de voorkant gebruiken:
- verwijder de sleepring 5 (in de gereedschapskist).
Deze sleeppunten mogen alleen gebruikt worden om de auto mee te slepen en in geen
geval om de auto direct of indirect aan op te hijsen.
Toegang tot de sleepring 5: schuif de bestuurdersstoel naar voren en kantel de rugleuning om deze uit de gereedschapsset
DE GEREEDSCHAPPENte verwijderen.
Toegang tot het voorste sleeppunt 6: druk op de linkerkant van het deksel 7 om het los te klikken.
Draai de trekkrans 5 volledig vast: eerst zo ver mogelijk met de hand, daarna vergrendelen met de wielmoersleutel 8.
Gebruik uitsluitend de sleepring 5 die is opgeborgen bij het gereedschap DE GEREEDSCHAPPEN.
WAARSCHUWING
Zorg ervoor dat de sleepring correct met bouten is bevestigd.
Risico om het gesleepte object te verliezen.
WAARSCHUWING
Zorg er bij het opbergen van de gereedschappen voor dat u ze correct in hun oorspronkelijke
positie in de gereedschapskist plaatst en bewaar de gereedschapskist onder de bestuurdersstoel.
Laat nooit gereedschap in de auto rondslingeren. Dit is gevaarlijk als u plotseling
moet remmen.
Sleeppunt achter
Uitsluitend achterin gebruiken:
- verwijder de sleepring 1 (in de gereedschapskist DE GEREEDSCHAPPEN).
- de sleepring 2 als het voertuig is uitgerust met een treeplank.
Deze sleeppunten mogen alleen gebruikt worden om de auto mee te slepen: zij mogen
in geen geval gebruikt worden om de auto direct of indirect aan op te hijsen.
Toegang tot de sleepring 1: schuif de bestuurdersstoel naar voren en kantel de rugleuning om deze uit de gereedschapsset
DE GEREEDSCHAPPENte verwijderen.
Toegang tot het achterste sleeppunt 3: maak het deksel 4 los door een platte schroevendraaier of iets dergelijks in de groef 4 te steken.
Draai de trekkrans 1 volledig vast: eerst met de hand, daarna vergrendelen met de wielmoersleutel DE GEREEDSCHAPPEN.
Gebruik uitsluitend de sleepring 1 die is opgeborgen bij het gereedschap DE GEREEDSCHAPPEN.
Deze sleeppunten mogen alleen gebruikt worden om de auto mee te slepen: zij mogen
in geen geval gebruikt worden om de auto direct of indirect aan op te hijsen.
WAARSCHUWING
Zorg ervoor dat de sleepring correct met bouten is bevestigd.
Risico om het gesleepte object te verliezen.
WAARSCHUWING
Zorg er bij het opbergen van de gereedschappen voor dat u ze correct in hun oorspronkelijke
positie in de gereedschapskist plaatst en bewaar de gereedschapskist onder de bestuurdersstoel.
Laat nooit gereedschap in de auto rondslingeren. Dit is gevaarlijk als u plotseling
moet remmen.