Ultrasoondetectoren die in de bumper van de auto ingebouwd zijn, “meten” de afstand tussen de auto en een obstakel.
Deze meting vertaalt zich in geluidssignalen waarvan de frequentie toeneemt naarmate het obstakel dichterbij komt, totdat het een continu geluid wordt wanneer het obstakel ongeveer 20 à 30 cm van de auto verwijderd is.
Met de adaptieve snelheidsregelaar (of de Stop and Go adaptieve snelheidsregelaar bij voertuigen met een automatische versnellingsbak) kunt u op basis van informatie van een radar of camera, de geselecteerde snelheid (ook bekend als kruissnelheid) handhaven terwijl u op volgafstand blijft van het voertuig voor u in dezelfde rijstrook.
Het systeem detecteert aan de kant van de weg verkeersborden die de maximumsnelheid aangeven en geeft de maximumsnelheid op het instrumentenpaneel weer.