Autogordels achter

<?xml version="1.0" standalone="yes"?>

Vergrendelen

Trek de band van de gordel langzaam en rustig over u heen en druk de gesp 1 in de sluiting 2 (controleer de vergrendeling door aan de gesp 1te trekken).

Hoofdstuk

Welkom aan boord van uw auto

<?xml version="1.0" standalone="yes"?>

Deze aanvullende gebruikershandleiding geeft informatie over uitvoeringen met een verlengde cabine.

De informatie in dit document annuleert en/of vervangt en/of vult de informatie in de basic gebruikershandleiding aan.

De volgende symbolen kunnen u helpen:

Hoofdstuk

Storingen

<?xml version="1.0" standalone="yes"?>

In geval van een storing knippert het controlelampje 1 op de afstandsbediening rood. Raadpleeg echter snel een erkende dealer.

Hoofdstuk

Zekeringen

De zekering voor de pneumatische vering bevindt zich in de buurt van de accu van het voertuig. Vanwege de moeilijke bereikbaarheid, adviseren wij het vervangen van deze zekeringen over te laten aan een merkdealer.

Raadpleeg de basisgebruikshandleiding van de auto voor meer informatie.

Hoofdstuk

VERWISSELEN VAN EEN WIEL

<?xml version="1.0" standalone="yes"?>
warning

De servicemodus moet worden ingeschakeld voordat er werkzaamheden onder de auto worden uitgevoerd Servicemodus.

Hoofdstuk

Servicemodus

<?xml version="1.0" standalone="yes"?>

In de servicemodus kan de het pneumatische vering worden uitgeschakeld. De afstandsbediening en de hoogteverstelling zijn uitgeschakeld.

Om de modus te activeren drukt u ongeveer vijf seconden op knop 1. Knop 1 licht rood op.

Hoofdstuk

Handmatige modus

<?xml version="1.0" standalone="yes"?>
warning

In de handmatige modus is de obstakeldetectie niet geactiveerd. Zorg er altijd voor dat er geen obstakels aanwezig zijn (bijv. geen hoogtebeperking (een dak), geen contact met een stoeprand, of enig ander obstakel) wanneer u de hoogte van de achteras van de auto wijzigt.

Risico van beschadiging van de auto.

Hoofdstuk